I&R Schapen en Geiten per 1 juli 2010

Alle verplichtingen per 1 juli 2010 op een rij

Op 1 januari 2010 is de nieuwe identificatie- en registratieregeling voor schapen en geiten inwerking getreden. Dit betekent een enorme sprong voorwaarts. Eerst was er alleen een papieren systeem met alleen registratie van bedrijven en eens per jaar een telling. In de nieuwe opzet:

  • worden alle schapen en geiten elektronisch geïdentificeerd;
  • worden alle geboren en geïmporteerde dieren ingebracht in een centrale database en
  • worden alle aan- en afvoeren van dieren door alle betrokken partijen gemeld aan de centrale databank.

De afvoerder moet volgende bestemming aangeven; de aanvoerder moet herkomst aangeven. Sinds 1 juli 2010 worden ook export en slacht gemeld aan de centrale database.
De nieuwe opzet maakt het mogelijk bij een onverhoopte uitbraak van een dierziekte snel diercontacten te traceren. Hierdoor kan de ziekte gerichter en sneller aangepakt worden.
Hieronder worden voor u de belangrijkste verplichtingen nog eens op een rijtje gezet. Hierbij gaan wij ook in op de VKI-verplichtingen; deze zijn ook ingegaan op 1 juli 2010.

Daarnaast is per 1 juli ook het Kwaliteitssysteem Preventie Dierziekten aangepast, met nieuwe bepalingen voor tweede verzamelslag. Het systeem bevatte al bepalingen voor de tweede verzamelslag, maar die zijn nu helemaal aangepast aan het elektronisch merken van de dieren en aan het bestaan van een centrale database.

Hieronder treft u informatie aan over alle acties die de verschillende schakels moeten ondernemen en over de nieuwe bepalingen voor de tweede verzamelslag.

Bedrijfsregistratie voor alle schakels in de keten
Meldingen door schapen- en geitenhouders
Acties van handelaren en vervoerders
Acties van het verzamelcentrum
Acties van slachterijen en zelfslachtende slagers
Tweede verzamelslag in het Kwaliteitssysteem Preventie Dierziekten
Nadere informatie

Bedrijfsregistratie voor alle schakels in de keten

Niet alleen schapen- en geitenhouders, maar ook houders van een verzamelcentrum en slachterijen moeten geregistreerd zijn. U krijgt bij registratie een UBN toegewezen. Dit is altijd de eerste stap. Zonder geschikt UBN kunnen er geen meldingen gedaan worden.
We merken dat vooral slagers en kleine slachterijen wel meldingen willen doen, maar dan vastlopen omdat ze nog geen apart UBN hebben voor het slachten van schapen en geiten.

Neem contact op met het DR-loket: 0800-22 333 22 en laat u registreren hiervoor. U krijgt dan ook de mogelijkheid om voor schapen en geiten in te loggen in de centrale I&R-database.

Naar boven ↑

Meldingen door schapen- en geitenhouders

  • Beginaanmelding en geboortemeldingen
  • Af- en aanvoermeldingen
  • Meldingen voedselketeninformatie voor slachtdieren

Beginaanmelding en geboortemeldingen
De schapen- en geitenhouder zorgen voor de beginmelding aan de centrale database. Dieren die niet zijn aangemeld kunnen niet worden afgevoerd. Begin- en geboortemeldingen kunnen worden uitgevoerd via internet (mijn dossier), via uw managementpakket of telefonisch (0900-2552004).
Lammeren moeten uiterlijk binnen 6 maanden na geboorte zijn aangemeld of eerder, als ze van het bedrijf worden afgevoerd.
Alle schapen en geiten, geboren vóór 31 december 2009, moeten vóór 1 juli 2010 zijn aangemeld in de centrale database. Dit kan met een geboortemelding (met datum voor 1 januari 2010) met het oude nummer.

Af- en aanvoermeldingen
Schapen- en geitenhouders moeten ook elke aan- en afvoer melden aan de centrale database. Dat moet gebeuren binnen 7 dagen na af- of aanvoer. Als u de afvoermelding doet voor of op de dag van afvoer, hebben de volgende schakels in de keten (een collega-veehouder, een verzamelcentrum of een slachterij) daar veel gemak van.
Bij afvoer geeft u de volgende gegevens op:

  • de individuele nummers van de afgevoerde dieren;
  • de datum van afvoer;
  • het bedrijf (naam, adres en UBN-nummer) van bestemming;
  • het kenteken van de wagen waarmee de dieren vervoerd worden.

De meldingen kunnen worden uitgevoerd op dezelfde wijze als de geboortemeldingen (internet, managementpakket of telefoon).
Als de dieren worden afgevoerd voordat een afvoermelding is gedaan, moeten tijdens het transport de transportgegevens op één van de volgende manieren beschikbaar zijn:

Meldingen voedselketeninformatie voor slachtdieren
Alle veehouders moeten voedselketeninformatie (VKI) aanleveren aan de slachterij. Dit zou kunnen betekenen dat bij elke schaap of geit een VKI-formulier meemoet naar de slachterij. Papierstromen zijn ouderwets en bij grote aantallen dieren is een papierstroom ook nauwelijks hanteerbaar. Daarom is een database ontwikkeld waarmee de veehouder de voedselketeninformatie (VKI) eenvoudig digitaal kan doorgeven. Deze databank is www.InfoSchaap.nl en www.InfoGeit.nl. Belanghebbenden hebben per brief inloggegevens ontvangen.

Mocht u uw brief zijn kwijt geraakt, bel dan 0900-7863833.
Overigens is deelname aan InfoSchaap of InfoGeit niet verplicht. Als uw afnemer dat goedvindt, mag u ook een papieren formulier meegeven met het slachtdier. Maak hierover van tevoren afspraken met uw handelaar of slager.

Naar boven ↑

Acties van handelaren en vervoerders

  • Ondersteunen van af- en aanvoermeldingen van andere schakels
  • Doorgeven voedselketeninformatie (VKI) en verklaring 21-dagenregeling

Ondersteunen van af- en aanvoermeldingen van andere schakels
Voor zover handelaren en vervoerders de schapen en geiten niet aanvoeren op het eigen bedrijf ('Waar komen de dieren met de pootjes op de grond?'), hebben zij geen meldingsverplichtingen.
Maar handelaren en vervoerders kunnen spelen wel een essentiële rol spelen bij het efficiënt uitvoeren van de I&R-verplichtingen door andere schakels. Vaak zal de handelaar/transporteur alle dieren scannen en de conventioneel gemerkte dieren handmatig inbrengen in zijn reader. Hiermee is digitaal vastgelegd welke dieren worden vervoerd. Met machtiging van de veehouder kan de handelaar/transporteur vervolgens ook handig de afvoermelding uitvoeren.
Met de gegevens in de reader kan de handelaar/transporteur het bedrijf van bestemming (verzamelcentrum of slachterij) helpen om de aanvoermelding te doen.

Doorgeven voedselketeninformatie en verklaring 21-dagenregeling
De handelaar/transporteur mag zelf geen voedselketeninformatie (VKI) opmaken van de dieren. Dit is een verantwoordelijkheid van de veehouder. Wel kan hij, met een machtiging van de veehouder en op basis van informatie die hij van de houder ontvangt, VKI inbrengen in het systeem InfoSchaap / InfoGeit. De handelaar moet voorkomen dat hij opgescheept raakt met schapen en geiten waar hij geen kant mee op kan. Daarom is het van belang dat hij zeker weet dat VKI beschikbaar is van de af te voeren dieren. Dat kan elektronisch in InfoSchaap/ InfoGeit of - als de slachterij dat accepteert - op papier.
Ook is het voor de export van belang dat de handelaar/transporteur een verklaring meekrijgt van de houder, waarin deze aangeeft dat:

  • de te vervoeren dieren de afgelopen 21 dagen op het bedrijf aanwezig zijn geweest;
  • de afgelopen 21 dagen geen schapen of geiten op zijn bedrijf zijn aangevoerd;
  • de afgelopen 30 dagen geen evenhoevigen uit derde landen op zijn bedrijf zijn aangevoerd.

Zónder VKI kan een verzamelcentrum of slachterij weinig met de dieren die u als handelaar/transporteur bij ze wil brengen. Zonder verklaring van de veehouder over de 21-dagen-regeling ontstaan er problemen op het verzamelcentrum en bij export.

Naar boven ↑

Acties van het verzamelcentrum

  • Aanvoermeldingen
  • Afvoermeldingen
  • Doorgeven voedselketeninformatie

Aanvoermeldingen
Een verzamelcentrum moet de aangevoerde dieren aan de centrale I&R-database melden. In praktijk combineert de verzamelplaats de aan- en afvoermeldingen en doet deze op het moment van afvoer. Het doen van een aparte aanvoermelding kan op één van de volgende manieren:

  • als het bedrijf van herkomst een afvoermelding heeft uitgevoerd
    In de centrale database staan de betreffende dieren op het UBN van de verzamelplaats. Deze dieren kan hij accepteren als aanvoer.
  • als de handelaar/transporteur de dieren heeft geregistreerd in zijn reader
    Het verzamelcentrum kan deze accepteren als aanvoer op zijn bedrijf.
  • in andere gevallen
    De verzamelplaats bepaalt bij afladen de identiteit van de dieren (door het scannen van elektronische merken of het handmatig opnemen van de nummers van de conventionele oormerken), en doet met deze diernummers een aanvoermelding.

Afvoermeldingen
Bij de afvoer zorgt het verzamelcentrum ervoor dat de identificatie van de dieren, verdeeld per bestemming, geregistreerd wordt (door het scannen met een reader of door het invoeren van de nummers van de conventionele oormerken). Vervolgens meldt hij per bestemming de datum van afvoer en de individuele nummers van de dieren te melden aan de centrale I&R-database. In praktijk zal het verzamelcentrum met deze afvoermelding ook zijn aanvoermelding verzorgen.
Het verzamelcentrum kan op dezelfde wijze zijn meldingen uitvoeren als de veehouder: via het internet, via een managementpakket of via de telefoon.

Doorgeven voedselketeninformatie
Voor afvoer naar een binnen- of buitenlandse slachterij is het van belang zeker te weten dat de veehouder VKI-informatie heeft afgegeven. Binnenlandse slachterijen kunnen de VKI zelf uit InfoSchaap / Infogeit halen. Voor buitenlandse slachterijen moet de VKI op papier worden meegegeven.

Naar boven ↑

Acties van slachterijen en zelfslachtende slagers

  • Aanvoermeldingen
  • Slachtmeldingen
  • Opvragen, beoordelen en gebruiken voedselketeninformatie (VKI)

Aanvoermeldingen
Bij aanvoer doet de slachterij eerst een aanvoermelding aan de centrale I&R-database. Dit gebeurt op één van de volgende manieren:

  • als het bedrijf van herkomst een afvoermelding heeft uitgevoerd
    In de centrale database staan de betreffende dieren op het UBN van de slachterij. Deze dieren kan het bedrijf accepteren als aanvoer.
  • als de handelaar/transporteur de dieren heeft geregistreerd in zijn reader
    De slachterij kan deze accepteren als aanvoer op zijn bedrijf.
  • in andere gevallen
    De slachterij bepaalt bij afladen de identiteit van de dieren (door het scannen van elektronische merken of het handmatig opnemen van de nummers van de conventionele oormerken), en doet met deze diernummers een aanvoermelding.

Een handleiding voor het melden aan de I&R-database vindt u hier.

Slachtmeldingen
De identificatie van de geslachte dieren wordt opgenomen (door het scannen met een reader of door het invoeren van het nummer van het conventionele oormerk in de reader). Bij kleine aantallen is een reader natuurlijk niet nodig, de nummers kunnen ook afgelezen worden van het merk en opgeschreven). De nummers van de geslachte dieren worden gemeld aan de centrale database via het internet, een managementpakket of de telefoon.
In praktijk combineren slachterijen de aanvoermelding en de slachtmelding vaak.
Nadere uitleg over de I&R-slachtmelding en de gecombineerde aanvoer/slachtmelding vindt u in de
meldingsinstructie voor slagers en slachterijen.

Opvragen, beoordelen en gebruiken voedselketeninformatie (VKI)
Bedrijven die schapen en geiten slachten, moeten VKI van de dieren opvragen, ontvangen en gebruiken. Vanaf 1 juli 2010 moet VKI aanwezig zijn voordat de dieren geslacht mogen worden. De VKI kan opgehaald worden uit InfoSchaap en InfoGeit. Bedrijven die dat willen, kunnen de VKI ook op papier laten aanleveren. Let erop dat papieren VKI om 16.00 uur op de dag vóór levering bij de slachter aanwezig moet zijn. Deze regel geldt niet voor levering via een verzamelplaats of voor levering aan een zelfslachtende slager. De slachterij beoordeelt de ontvangen VKI vóór de aankomst van dieren. Als de VKI met de dieren meekomt, beoordeelt de slachterij de VKI voordat er met slachten wordt begonnen. De VWA verwacht dat de slachterij in haar HACCP-systeem een procedure opneemt hoe zij omgaat met de VKI. Dit procedure moet ook beschrijven hoe de VKI aan de VWA wordt voorgelegd en hoe de VWA de VKI voor gezien tekent. Het PVV publiceert binnenkort een voorbeeldprotocol op de website. Voor runderslachterijen is dit protocol al beschikbaar.
Bij het ontbreken van de VKI of delen daarvan kunnen de dieren niet geslacht worden. Na beoordeling van de VKI geeft de slachterij de VWA inzicht in de ontvangen VKI.

Naar boven ↑

Tweede verzamelslag in het Kwaliteitssysteem Preventie Dierziekten

Door twee keer te selecteren en sorteren kunnen verzamelcentra de slachtschapen beter tot waarde brengen. Aan deze verzamelslag waren in het verleden bepaalde voorwaarden gesteld. Met de komst van de nieuwe manier van identificeren en registreren zijn deze voorwaarden aangepast. Daarom zijn vanaf 1 juli 2010 ook de bepalingen voor de tweede verzamelslag in het Kwaliteitssysteem Preventie Dierziekten aangepast. Voor diverse controles kan de houder van een verzamelcentrum nu ook gebruik maken van de centrale database. Zónder extra merken is hiermee een optimale verwaarding van slachtdieren zekergesteld.

Naar boven ↑

Nadere informatie

Voor meer informatie over deze onderwerpen kunt u terecht bij de volgende telefoonnummers en op de volgende websites:

I&R DR-loket: tel. 0800-22 333 22
www.minlnv.nl/loket

VKI CBD: 0900-7863833
www.infoschaap.nl en www.infogeit.nl.
http://www.pve.nl

Kwaliteitsregeling Preventie Dierziekten (tweede verzamelslag)
www.nbhv.nl

Daarnaast kunt u over deze onderwerpen contact opnemen met de volgende medewerkers van het PVV:

  • Voor voedselketeninformatie:
    Hidde Rang, tel. (079) 368 7954, e-mail: hrang@pve.nl
  • Voor I&R schapen en geiten
    Jelle Raap, tel.nr. (079) 368 7518, e-mail: jraap@pve.nl
  • Voor het Kwaliteitssysteem Preventie Dierziekten:
    Jelle Raap, tel. (079) 368 7518, e-mail: jraap@pve.nl

Documenten op deze site:

Documenten op andere sites:

Naar boven ↑

Schapen & geiten

| Mijn PVE | Links | PPE- en PVV-sites | Contact